De Edelsteen 3


Al ben je groot, al ben je klein,
al kost je een kapitaal of een grein.
Ben je voor man vrouw kind of dier,
je verkoopt jezelf voor 't plezier.
Voor het geluk van die, die je draagt,
al hebben ze je gekocht of gevraagd.

Veel of weinig geld, wat doet het er toe,
jij bent de glans de schittering nooit moe.
Als men jouw met zorgzaamheid bedeeld,
ben jij het die de ogen streelt.
Die de mens in verrukking brengt,
waardoor je leven wordt verlengd.

Jij edelsteen door velen graag geëerd,
door jou vorm en grootte zeer begeerd.
Je staat fonkelend daar, in al je glorie
zelfs als de mens al is verword.
Straal jij nog steeds, jouw victorie,
wie ook in het leven jouw bezitter wordt.